Leren van Binnenuit

Een aantal jaren geleden zijn we als school het traject academische basisschool gestart. Kort gezegd houdt dit in dat we een onderzoekende school zijn die nauw samenwerkt met de VIAA (meer informatie vindt u onder het kopje Onderwijsconcept-Academische Basisschool).

Een voorbeeld is dat experts van de VIAA de cursus werkplek-coach hebben gegeven aan het personeel en dat een ieder die met succes heeft afgerond. Ook hebben we onderleiding van Tiemen Zijlstra, eveneens werkzaam aan de VIAA, de module/cursus Kernreflectie en gevolgd en hebben we meegewerkt aan een groot onderzoek van Peter Ruit (http://www.driestar-onderwijsadvies.nl/home).

Wat is Leren van binnenuit?

Laten we het uitleggen met een voorbeeld van de trainer Tiemen Zijlstra zelf: Leren van binnenuit….. 

Ik geef een djembee workshop. Van tevoren sta ik even stil bij mezelf: ik merk dat ik er zin in heb. Ik voel energie en enthousiasme. Ik weet wat ik ga doen. In mijn verbeelding zie ik de groep al voor me en ik stel me voor hoe ik begin, hoe ik contact ga maken, wat we samen gaan neerzetten, wat ik ze wil leren. Ik zie een groep mensen, sommigen stralend en uitbundig, anderen voorzichtig spelend. Kortom een groep met mooie en verschillende mensen, met muziek die af en toe chaotisch, aarzelend klinkt, maar ook gaat swingen. Ik zie mezelf al trommelend staan dansen. Nu ervaar ik letterlijk intern contact met mijn kernkwaliteiten: enthousiasme, gedrevenheid, blijdschap. Dat wil ik vasthouden. Ik neem me ook voor de kernkwaliteiten van de leerlingen die ik straks ontmoet, te zien en te benoemen. Ik weet hoe bevestigend dat is. Ik heb er zin in! Zo begin ik aan de workshop. Ik vraag de deelnemers wat ze dachten toen ze hoorden dat ze gingen trommelen. De antwoorden variëren van “heel veel zin in” tot “afschuwelijk, ik heb namelijk geen ritme gevoel, hoe kan ik er onderuit”. Het is eerlijk en moedig dat de laatste, een jonge vrouw, dit zomaar in de groep vertelt. Als ik dat tegen haar zeg en erbij benoem dat eerlijkheid en moed vast ook kernkwaliteiten van haar zijn, krijgt ze een kleur, maar beaamt het voorzichtig. Dat klopt wel. Ik zie anderen knikken. De start is, van binnenuit, dus al heel verschillend. Er is nog geen slag gespeeld. Voor leren (spelen) zijn deze interne processen (denken, voelen en willen) van groot belang. Als ik weet dat iemand er veel zin in heeft en zie hoe zij in contact is met haar enthousiasme, zelfvertrouwen en openheid om te leren, benader ik haar anders dan degene die het afschuwelijk vind en daardoor al in een (leer)belemmering zit. Ik begin dan niet met de techniekaanwijzingen. Dat komt niet binnen. Ik ga door met de les, ik probeer steeds af te stemmen en zoek naar de goede balans tussen de technische en didactische kant van het spelen (techniek, instrument, opbouw ritme) en de meer persoonlijke kant (kernkwaliteiten, uitstraling, gezamenlijke beleving). Maar het accent ligt steeds op het laatste. Eerst verbinding met kernkwaliteiten, de binnenkant, zodat ze zich bevestigd voelen als persoon, open staan om te experimenteren. Op eigen manier leren, er plezier in krijgen en steeds meer competent gaan voelen. Tijdens het spelen benoem ik regelmatig de kernkwaliteiten van de leerlingen. Ik vraag ook wat ze er zelf aan beleven en wat ze willen, bijv. improviseren, ander ritme instrument kiezen, kijken, luisteren, genieten van de anderen, dansen. Ook benoem ik wat het mij doet als ik ze zie genieten van het spelen en de swing van het gezamenlijke ritme steeds meer hoor en voel. Dat stimuleert mij als leraar enorm. Het meisje zonder ritmegevoel, speelt na een half uur prima mee in een strak ritme. Haar belemmerende overtuiging, “ik heb geen ritmegevoel”, heeft ze te danken aan haar vioolleraar, die dat acht jaar lang heeft gezegd. Ze speelt inmiddels geen viool meer. Doordat ze nu plezier heeft en de ruimte ervaart om op eigen manier te mogen spelen, speelt zonder ‘goed-fout denken’. Ze speelt vanuit contact met plezier, overgave aan het ritme, meegaan met de groepsflow. Ze kan opnieuw ontdekken. In het vervolg van de workshop beginnen haar ogen te stralen. Het ontroert me. Als ik dat zeg, is er contact en anderen reageren er op, met bemoedigingen en sommigen met soortgelijke ervaringen. De negatieve overtuiging is bij haar nog niet verdwenen, maar is niet meer zo stevig. Er is openheid om de werkelijkheid onder ogen te zien en ‘ik kan het wel’ toe te laten. De workshop eindigt in een feest. Prachtig!!

Tiemen Zijlstra – Trainer IML